“Are you very busy?” – prioriteiten in perspectief

ill860
Webredactie  | Plaatsingsdatum: 18 april 2015 

Martijn van den Boogaart, zendingswerker in Malawi:
"Are you very busy?" Mama Ellen - onze nanny - kijkt me vragend aan. Het is vrijdagmorgen 8 uur. Ze is net aangekomen om te beginnen met haar werk. Ik heb gisteren een driedaagse workshop afgesloten. En vier weken super-intensieve voorbereiding daarvan. Dus: "No, today I am not so busy." Maar waarom vraag je het?


Dan vertelt ze één van die verhalen waarvan ik telkens weer geschokt raak.
"Vannacht is bij mijn buren een dochtertje van 3 jaar oud overleden."
"Wat erg. Wat is er gebeurd? Was ze ziek?"
"Ze had niet genoeg te eten..." en ze wijst naar haar buik
"Ondervoeding?"
"Ja, ondervoeding..."
"Echt? Was ze dan niet naar het ziekenhuis gegaan?"
"Ja wel, maar daar is ze vannacht overleden."

Later bevestigt Anneke het verhaal als ik het vertel: er was die nacht inderdaad een kindje overleden. Ondervoed. Veel te laat gekomen...

"Kan ik alvast 1000 kwacha van mijn salaris krijgen? Het gezin is zo arm, dat we als buren hebben afgesproken dat iedereen 1000 kwacha bijdraagt."
Ik geef het haar. En draag ook zelf extra bij.
Dan haast ze zich terug naar huis om mee te huilen. Om mee te zingen. Om mee te koken.

En ik begin aan de afwas. In gedachten verzonken. Dat gebeurt dus nog steeds 10 minuten lopen bij ons vandaan! Op de één of andere manier schrijnt het als je zoiets hoort, als je zelf drie dagen om tafel hebt gezeten over de prioriteiten van de kerk, mooie resultaten hebt gehoord van het werk tot nu toe, en prachtige plannen hebt gemaakt. Maar het woord 'armoede' is niet gevallen...

Het zet je aan het denken: Yes, I was very very busy, maar met wat eigenlijk?

We wonen nu al bijna 7 jaar in Ekwendeni. Soms heb je dan het perspectief van anderen nodig om de realiteit van de armoede weer te zien. Een Nederlands echtpaar was een week of wat geleden op bezoek. Ze werkten jaren in Zuid-Afrika en hebben dus heel wat armoede gezien. Toch zeiden ze toen we vroegen wat hen in Malawi opviel: "De extreme armoede..."

Hebben we als kerk nog wel het juiste perspectief op onze prioriteiten? Doen we iets aan armoede? Ik denk er wat langer over na en concludeer: toch wel. Indirect misschien, maar toch wel.

Hoe dan?

Door toegepaste bijbelstudie en verbetering in ons pastoraat.

Allereerst toegepaste bijbelstudie. Dat is onze topprioriteit als kerk. We willen gemeenteleden bij elkaar brengen rondom de bijbel. Op een zeer interactieve manier. Met een focus op toepassing. Echte praktische toepassingen. Dus niet zoiets als: "We moeten anderen liefhebben...", maar: "Laten we bij de oude opa Jere overmorgen het dak gaan repareren, zodat het niet in elkaar zakt bij de eerste regens..."

Als we als kerk onze gemeenteleden helpen om de bijbel serieus nemen en dóen wat we horen en zeggen, dan hoeven we vanuit het ziekenhuis geen programma tegen malnutrition te organiseren. Dan zijn de buren allang in actie. Want ondervoeding gebeurt niet van de één op de andere dag. Dat zie je gebeuren...

Voor de volledigheid: het is natuurlijk niet zo simpel dat een goed functionerende bijbelstudie-groep de ondervoeding van dit meisje had kunnen voorkomen. Natuurlijk speelt ook hier in Malawi dit probleem: wanneer grijp je in als je als omstanders iets ziet fout lopen in een gezin in de buurt? En natuurlijk kan het ook hier zo zijn, dat het gezin van het 3-jarige meisje een geschiedenis met hun buren heeft die verklaart waarom ze afstand hielden: waren de ouders 'lui' in het verbouwen van maïs? Hebben ze misschien gestolen bij de buren, om toch aan eten te komen? Arme mensen zijn echt niet altijd alleen maar zielige slachtoffers...

Maar goed toch: functionerende bijbelstudie-groepen in de wijk kunnen wel helpen om over dit soort vragen na te denken en mensen te motiveren om (toch) tot actie te komen.

Aan oog voor de ander, aan in actie komen, werken we als kerk ook nog op een andere manier: naast bijbelstudie is ook beter pastoraat ook één van de prioriteiten van het strategisch plan van de kerk. Het opzetten van pastorale teams voor het bezoekwerk in de wijk hoort daarbij. En ook een toerustingscursus voor alle ouderlingen en diakenen. Zodat ouderlingen en diakenen systematisch, regelmatig en bekwaam bij alle mensen in hun wijk langs gaan. En niet alleen bij ziekte en overlijden, maar ook 'preventief'. Dan kunnen problemen eerder gesignaleerd en bespreekbaar worden, hopen we.

Ook als het gaat om zulke praktische dingen als ondervoede kinderen. Zodat mensen in de gemeenschap zien dat de kerk en het evangelie niet alleen gaan om mooie, rake kerkdiensten, maar ook over hun zorgen van elke dag. En dan hopen we dat ze de Heer van die kerk en dat evangelie ook gaan volgen.

Daarmee ben ik graag "very busy".

Reageer op dit artikel