"Bewoners van de straat"

ill860
Astrid en Johan Klaasse | Plaatsingsdatum: 6 juni 2019 | Colombia

Half januari zijn we als gezin geland in Bogota. Even een paar dagen acclimatiseren in een volledig nieuw land, alles is anders. De kinderen kijken dan ook hun ogen uit. Naar alle mooie en minder mooie gebouwen, naar de mensen, die veelal ook nieuwsgierig terugkijken naar 4 langs wandelende blanke kinderen, en naar de bewoners van de straat. Door één van de kinderen wordt de tel bijgehouden. En ze vraagt geregeld wanneer we hier wat aan gaan doen. Ze kan niet wachten ze te helpen.

Ze telt ze overigens niet allemaal, de bewoners van de straat volledig onder een zeil of doek weggescholen vallen haar nog niet op. En dat laten we zo. Want wat is dit al veel voor ze, een compleet andere wereld. Vanuit ons dorp Rijnsburg, waar alle gebouwen en straten er even prachtig uit zien. Waar de daklozen niet eens op 1 hand te tellen zijn, we zien ze niet. Tuurlijk zijn ze er, maar niet zichtbaar voor ons en gelukkig zijn het er in Nederland aanzienlijk minder dan hier.

Na een paar dagen reizen we door naar Medellín, onze nieuwe thuisstad. Een prachtige stad met veel groen, veel nieuwbouw in een groeiende stad, in omvang en in economie. Maar ook hier zijn er bewoners van de straat. En als we zondag naar de kerk rijden, zijn ze ontelbaar. Een dorp van straatbewoners. Het bijhouden van de tel is abrupt gestopt.

Het raakt de kinderen en geregeld komt het gesprek weer naar boven. Wat een heftige aanblik om te zien hoeveel mensen hier onder erbarmelijke omstandigheden leven. Met een lege blik in de ogen, de hoop opgegeven. Overlevend op straat. Als één van de jongens zijn zorg hierover uitspreekt zeg ik hem dat ik vaak de neiging heb om straatbewoners in huis te nemen. Kom maar bij ons, wij zorgen wel voor je. Zijn antwoord: “nou, dat gevoel heb ik dan weer niet.”

Het zet me aan het denken. De term straatbewoner was ons nieuw. In het Spaans heten daklozen ‘habitantes de calle’, bewoners van de straat. En die term spreekt ons aan. Alsof je dan met meer respect en gelijkwaardigheid spreekt over de mensen die hier op straat leven. En zo hebben ze ook hun plek hier in Colombia. Een plek waar ze met rust gelaten worden, waar ze ‘geaccepteerd’ worden als deel van de stad en waar het heel gewoon is iemand wat geld toe te steken. Mensen die hun hand op steken of nog meer, mensen die proberen snoepjes te verkopen of een act opvoeren bij het stoplicht. Het is hier gewoon.

En tegelijk is dat ook wat schuurt. Want moeten we het wel zo gewoon vinden? Is acceptatie en in je waarde laten hier wel de juiste aanpak?

De juiste aanpak ligt niet voor handen. Een complexe geschiedenis, een complex systeem en het enorme aantal maakt dat er niet één oplossing voor handen ligt. Zo hebben wij ook geen vaste aanpak. Soms geven we geld, als we denken te kunnen ‘oordelen’ dat het in goede handen is. Soms delen we eten en we proberen een praatje te maken. Maar vooral biddend voor de bewoners van de straat en voor heel het land. Dat er in dit complexe systeem met zijn complexe geschiedenis ruimte mag ontstaan. Dat in een groeiende en bloeiende stad als Medellín, waar alles mogelijk lijkt, ook oog mag zijn voor hen. En dat er naast het respect en het in hun waarde laten, ook een verlangen mag groeien om dit immense probleem beetje bij beetje, stapje voor stapje, aan te pakken. Want in Zijn hand is geen probleem te groot.

Bidt u mee?
 

Reageer op dit artikel