Christenen in Turkije zetten zich in voor vluchtelingen

ill860
Webredactie  | Plaatsingsdatum: 11 juli 2016 

Onlangs bezocht GZB’er Arie van der Poel Turkije. Hij was onder de indruk van de kleine christelijke gemeenten die zich vanuit innerlijke bewogenheid inzetten voor de naaste in nood: vluchtelingen uit Syrië en Irak, Turkse gehandicapten, ernstig zieke kinderen. In De Waarheidsvriend (www.waarheidsvriend.nl) een verslag.

 
Strategisch gelegen tussen Europa, Azië vervult Turkije duidelijk een politieke sleutelrol. Dat Turkije ooit een sleutelrol vervulde in de christelijke kerk hoor je aanzienlijk minder. Is er eigenlijk nog wel een kerk, vraagt mr. Arie van der Poel.
 
Turkije is tegenwoordig niet uit het nieuws weg te slaan. De overeenkomst met de Europese Unie over de Syrische vluchtelingen en de versoepeling van de visumregels voor Turken die naar Europa willen reizen, liggen politiek uiterst gevoelig.
 
Het zijn afspraken die meer en meer onder druk komen te staan. De persvrijheid wordt immers in rap tempo aan banden gelegd en de president trekt steeds meer macht naar zich toe. Bovendien maakt hij politieke tegenstanders monddood. In het zuidoosten van het land wordt een grimmige strijd gevoerd tegen de Koerden met veel dodelijke slachtoffers. In Istanbul en Ankara vinden dodelijke bomaanslagen plaats.
 
Bewogen geschiedenis
Het Turkije van voor de komst van de Turken wordt meestal Klein-Azië of Anatolië genoemd. De Turken in het huidige Turkije zijn afstammelingen van volkeren die vanuit Centraal-Azië in het begin van het vorige millennium Anatolië hebben veroverd.
 
De overgrote meerderheid van het land was toen christen. Sommigen spreken over wel tachtig procent. Het was toen, duizend jaar geleden, tenslotte het hart van het christelijke Byzantijnse rijk. Het was ook het land van de zendingsreizen van de apostel Paulus. Antiochië, Efeze, Smyrna, en Kolosse: allemaal sprekende namen uit het Klein-Azië van het boek Handelingen. Het is het land van Nicea en Constantinopel, waar de concilies een belangrijke invloed hadden op de vorming van de Vroege kerk. Ooit zetelde in Constantinopel (het huidige Istanbul) het hoofd van de Orthodoxe Kerk.
 
In de tijd van Paulus en de concilies van de eeuwen daarna waren er echter nog geen Turken. Aan het begin van de twintigste eeuw woonden er grote groepen Grieken, Armeniërs en Aramese Syrisch-Orthodoxe christenen in het land (ruim twintig procent van de bevolking). Na de Armeense genocide in 1915 is dit aantal sterk gereduceerd.
 
Nieuw begin
Het is daarom belangrijk om te beseffen dat het Turkse volk (etnisch gezien) pas halverwege de vorige eeuw kennismaakte met het Evangelie. Toen kwamen westerse zendelingen met name naar de grote steden. Van de ruim tachtig miljoen inwoners nu zijn er naar schatting in totaal nog ongeveer honderdduizend christen. Dat is minder dan een kwart procent. Een kleine vijfduizend van hen zijn etnische Turken of Koerden die in de laatste ongeveer vijftig jaar de overgang hebben gemaakt van de islam naar het christelijk geloof.
 
Algemeen wordt het als een schande beschouwd als een Turk het huis van de islam verlaat. Sociale en familiale uitstoting, intimidatie en discriminatie zijn vaak het gevolg. Juist daarom is het zo bijzonder bemoedigend om Turkse christenen te ontmoeten die Jezus Christus hebben leren kennen en liefkrijgen en deze liefde ook uitstralen in hun omgeving. Ik geef een paar voorbeelden van ontmoetingen met christenen in kleine lokale protestantse gemeenten in Ankara, Izmir en Istanbul. 
 
Inzet voor de naaste
Vanuit Izmir, het vroegere Smyrna, maakten tot voor kort veel Syrische vluchtelingen met hulp van mensensmokkelaars de korte, maar riskante oversteek naar Griekenland. Hier is een kleine, christelijke gemeente actief die zich met steun van buitenlandse werkers inzet om gestrande vluchtelingen te helpen. Metterdaad en vanuit een duidelijke christelijke missie. We bezochten een aantal vluchtelingen.
 
Het eerste gezin (vader, moeder en tien jonge kinderen niet ouder dan vijftien jaar) verbleef in een kleine, dompige huiskamer met vrijwel alleen wat tapijten op de grond. De moeder met een in doeken gewikkelde baby van drie maanden oud. Met z’n allen waren ze gevlucht uit Homs, diep in Syrië, en via Kobani de grens overgestoken naar Turkije en zo in Izmir beland. Ze zijn berooid en hopen eens terug te kunnen keren naar Syrië…
 
Intussen worden ze als moslims geholpen door christenen die naar hen omzien met voedselpakketten, babyluiers maar vooral met aandacht en liefde. Mij trof de toewijding en liefde voor deze kwetsbare mensen. Als vanzelf roept dat bij deze vluchtelingen de vraag op: ‘Waarom doen jullie dit voor ons?’
 
Zo worden er heel wat mooie gesprekken gevoerd en komen er zelfs mensen tot geloof. Syrische vluchtelingen komen tot geloof in Turkije door het getuigenis van lokale christenen! 
 
Christelijk getuigenis
Het verhaal van een van de helpers – laten we hem Achmed noemen – is indrukwekkend. Als Turkse Koerd uit een streng islamitisch gezin vluchtte hij als jongen van zeventien uit Zuidoost-Turkije naar Istanbul. Hij vluchtte, omdat zijn Turkse dorpsgenoten hem discrimineerden en pestten. Dat riep bij hem diepe vragen op en leidde uiteindelijk tot de conclusie: ‘Of Allah bestaat niet, of hij is slecht.’
 
Zo kwam hij terecht bij de Koerdische bevrijdingsbeweging. Daar vond hij op een dag in de bibliotheek een Bijbel. Hier ontdekte hij dat God liefde is, een boodschap die Achmed diep in zijn hart raakte. Nu zet hij zich met liefde in voor Syrische vluchtelingen: ‘Wij hebben God lief, omdat Hij ons eerst heeft liefgehad.’ 
 
Open hart
In Ankara hoorde ik soortgelijke getuigenissen van broeders en zusters in kleine gemeenten die zich –al hebben ze kleine kracht – vanuit innerlijke bewogenheid inzetten voor de naaste in nood: vluchtelingen uit Syrië en Irak, Turkse gehandicapten, ernstig zieke kinderen.
 
Ontroerend is het om een jonge christin die zich inzet voor de gehandicapte medemens, de tekst uit Jesaja 58:10-12 te horen aanhalen: ‘Als u uw hart opent voor de hongerigen, en de verdrukte ziel verzadigt, dan zal uw licht in de duisternis opgaan (…).’ ‘En wie uit u voortkomen, zullen de verwoeste plaatsen van weleer herbouwen; de fundamenten, van generatie op generatie verwoest, zult u herstellen(…).’
 
Dagelijks passeren honderdduizenden mensen het Nederlandse consulaat-generaal aan de drukke Istiklal Caddesi in het hartje van Istanbul. Weinigen van hen weten dat zich achter de zware poorten een kapel bevindt. Op zondag worden hier de klokken geluid en komen zo’n kleine 200 mensen van allerlei nationaliteiten samen om te bidden en vinden er Turks- en Engelstalige diensten plaats. Er wordt gebeden om vrede voor de stad. Op de muur staat als een getuigenis, in het Nederlands, de prachtige bijbeltekst uit Psalm 145: ‘De Heere is groot en zeer te prijzen.’ 
 
Teken van hoop
Zomaar een korte impressie uit drie grote steden in Turkije die aangeeft dat de kerk leeft. Onze broeders en zusters in het huidige Turkije, vormen een kleine en kwetsbare minderheid. Tegelijkertijd zijn zij een teken van hoop. Daarom is er ook goed nieuws uit Turkije.

Reageer op dit artikel