Dagelijks brood

Willem en Joanne Folmer | Plaatsingsdatum: 10 mei 2016 | Democratische Republiek Congo

Terwijl ik de eerste dagen weer aan het werk ben in het ziekenhuis, valt het me op hoe ontzettend veel er geleden wordt. Misschien waren we het een beetje vergeten of we waren er teveel aan gewend geraakt. In de ochtend loop ik op de 'intensive care afdeling' langs een hoogzwangere vrouw die bij haar net overleden man aan het huilen is. Een paar bedden verder ligt een ernstig zieke jongen die net aan zijn darmen is geopereerd en een ontzettend opgezette buik heeft. Hij heeft al enkele dagen niet gegeten en moet regelmatig braken. Echt goede pijnmedicatie is er niet, dus hij moet gewoon wachten en hopen dat zijn darmen weer op gang komen. Even verder ligt een man met een schotwond. De kogel is door zijn beide heupen en zijn darmen gegaan. Hij heeft veel pijn, forse wonden en hoge koorts. De afdeling chirurgie bestaat op dit moment voor meer dan de helft uit patienten met botbreuken door schotwonden, motor- of auto-ongelukken. Een aanzienlijk deel van die patienten ligt al langer dan twee maanden in het ziekenhuis en zal waarschijnlijk nooit meer goed kunnen lopen.
 


Het valt op hoe lijdzaam de mensen hier het lijden ondergaan. Soms zie je een grimas van de pijn, maar geen verontwaardiging, geen geschreeuw of boosheid. Dat laatste is trouwens ook cultureel helemaal uit den boze. Maar heel generaliserend gezegd, wordt het leven hier veel meer aanvaardt zoals het komt. Mensen zijn niet gewend om het leven te beheersen zoals we in Nederland vaak proberen. Het lijden is hier veel meer een vast onderdeel van het leven. Mensen ondergaan het en daarna gaan ze gewoon weer door waar ze begonnen waren. Daardoor brengen ze, naar ons idee, ook weinig verbeteringen aan. Dat heeft ook met de armoede te maken die ervoor zorgt dat de blik niet op morgen is gericht, maar op het overleven van vandaag. De mensen zijn hier niet gewend om het leven naar hun hand te zetten of het zo in te richten dat het meer naar hun zin zal verlopen. Wij zijn daarentegen continue aan het kijken naar wat beter, sneller of makkelijker kan. En dat zorgt vaak ook voor veel onrust en ongeduld; het is nooit goed genoeg. Ik geloof dat we daarom ontzettend veel kunnen leren van de accepterende houding van de mensen hier, ook al valt er veel meer over te zeggen. Niet wijzelf maar God (of het lot of andere machten) bepaalt onze levensloop. Dat is hier vanzelfsprekend. Men zet de tanden op elkaar en wacht de toekomst lijdelijk af.
 
Op de polikliniek spreken we een jongen die in het laatste jaar van de middelbare school zit. Hij heeft botkanker die uitgezaaid is naar zijn longen omdat hij eerder een amputatie van zijn onderbeen had afgewezen. We bidden voor hem en proberen moed in te spreken. Maar wat valt er te bemoedigen? De boodschap is duidelijk: beter worden kan hij niet.
 


Terwijl ik aan het einde van de dag naar huis loop hoor ik een meisjeskoor prachtig zingen. Een groep verpleegkundigen in opleiding zijn actief aan het voetballen en enkele kleine kinderen proberen alle mangobomen leeg te plukken. Het leven is in volle gang en er wordt volop genoten. En wat er morgen komt weten we niet. De morgen zal voor zichzelf zorgen. 

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

  • Familie Bakker

    14 mei 2016, 05:16

    Dag lieverds! Gefeliciteerd met de verjaardag van jullie Lucas. We hebben jullie verslag gelezen en wat zijn we in alles afhankelijk van de Heere onze God! Jullie daar en wij hier (oma). Wat is het belangrijk om Jezus' woorden ter harte te nemen voor hier en daar: "En ziet, IK ben dagelijks met u tot op de voleinding van de wereld". We bidden voor jullie, bidt ook voor ons. Gods rijke zegen toegewenst in de hulp voor de mensen die op jullie weg komen!
  • Annie en Kees

    11 augustus 2016, 09:35

    Indrukwekkent om deze blog te lezen..