Ervaringen in Egypte

ill860
Webredactie  | Plaatsingsdatum: 5 januari 2016 

10 dagen lang is een groep predikanten namens de GZB op bezoek in Egypte. Om te ontdekken hoe er wordt geleefd en geloofd. Door christenen, door moslims. Een kennismaking met de cultuur van het Midden-Oosten. In een dagelijkse blog geven ze weer hoe ze de reis beleven en welke vragen de ontmoetingen met de islam en de kerken bij hen oproept.

Deelnemers zijn: ds. Sjaak van den Berg (IZB), ds. Cees van Duijn (Delft), ds. Leendert Plug (Sprang-Capelle), ds. Jan Holtslag (Giessenburg), ds. David Rodenburg (Nunspeet), ds. Wim van Vreeswijk (Rouveen), Iwan Dekker (GZB) en zendingswerker in Egypte: Willem-Jan de Wit.
Op zijn facebookpagina heeft Willem-Jan een prachtige fotoimpressie van de reis staan. Klik hier om ze te bekijken.

In het RD verschenen een aantal columns naar aanleiding van de reis:  

Dr. Willem 

Wat hebben we van hem genoten: 'onze man' in Egypte. Dr. Willem-Jan de Wit. Maar voor de studenten is hij: dr. Willem. We horen hem in vloeiend Arabisch spreken met anderen. We zien hoe de studenten plezier hebben met hem. Merken dat hij bijzonder gewaardeerd wordt door zijn collega’s. En hebben de indruk dat hij zich goed thuis voelt op het seminarie.
De juiste persoon op de juiste plek. Dat onze reis zo goed verliep en zo’n diepe indruk bij ons heeft achtergelaten, is mede aan zijn inzet te danken.
 
Dr. Willem weet theologische deskundigheid te combineren met pastorale aandacht voor zijn studenten. Zijn appartement zit in hetzelfde gebouw als waar zij hun kamer hebben. Regelmatig gaat hij ’ s avonds laat even buurten op hun verdieping. Tijd voor een persoonlijk gesprek. Predikanten, afgestudeerd aan het seminarie, bezoekt hij in hun eerste gemeente. Al moet hij soms ook uren reizen om er te komen. Kortom, een docent waar je een band mee krijgt.
 
Willem-Jan zit als docent, verbonden aan het theologisch seminarie in Caïro, op een essentiële plek. Hij investeert in ménsen. Jonge mensen die opgeleid worden voor werk in de kerk. Als predikanten zullen ze een sleutelpositie innemen. Geroepen om de gemeente leiding te geven. In een land, waar de islam overheerst en waar christenen altijd op hun hoede zijn voor agressie van de kant de moslims. Dat vraagt om voorgangers die de gemeenten toerusten om de weg van Jezus te gaan. Niet angstig en zielig, als een Calimero: “Zij zijn groot en ik ben klein”. Maar moedig en en met vertrouwen, omdat je in alle omstandigheden zegen kunt uitdelen.
 
Officieel is Willem-Jan ‘zendingswerker’. Misschien denk je: is zijn werk nu zendingswerk? Het is maar hoe je het bekijkt. Welk beeld heb je van zending? Eropuit trekken om overal in de wereld de heidenen tot bekering te brengen? Of kun je het breder zien? Zending is dan ook: mensen en gemeenten toerusten om levende christenen te zijn. Die zichzelf gezonden (!) weten om getuige te zijn van Jezus Christus. Op de plek waar ze wonen. In dit overwegend islamitische land. Ja, in die zin is Willem-Jans werk zéndingswerk. Erg belangrijk.
 
We wisten wel dat één mens van bijzondere betekenis kan zijn. Maar nu zagen we het opnieuw. En we danken de Heere God ervoor. Hopelijk mag hij dit werk nog een poosje blijven doen.
 
Ds. David Rodenburg


2e van links: dr. Willem
 

Maandag 11 januari - Visie en verlangen 

Egypte heeft 90 miljoen inwoners. 10 procent (of iets meer) is christen. Reken maar uit. Een zeer kleine minderheid. Toch horen we verhalen van visie en verlangen – voor héél Egypte. Je zou bijna denken: je zult het lef maar hebben.
 
We maken vandaag een grote overgang. Van de provincie Minya naar Caïro. Van het platteland naar de grote stad. In Caïro verblijven we op het seminarie waar dr. Willem Jan de Wit als docent aan is verbonden. Daar ontmoeten we docenten en studenten.
 
Even dacht ik vanmorgen vroeg: ik heb genoeg gezien en gehoord. Mijn hoofd én mijn hart (!) zitten vol. Laten we naar huis gaan. Maar ik vergis me. Want de beide docenten met wie we vanmiddag aan tafel zitten, houden een vurig verhaal. Ik veer weer op: dit wil ik niet missen.
 
Tharwat Waheeb is docent missiologie en kerkplanting. Hij vertelt: kerkplanting is nóódzaak in ons land. Er zijn zoveel plekken waar nauwelijks een kerk te vinden is. Nieuwe steden worden bijvoorbeeld uit de grond gestampt. Moskeeën genoeg, maar waar is de kerk? Niet dat de overheid je de volle ruimte geeft om kerken te bouwen of gemeenten te stichten. Niet dat je geen tegenwerking kunt krijgen van omwonenden. We hebben het nog steeds over de ‘bedreigde kerk’. Maar kansen zijn er wel.
 
Op het seminarie worden predikanten opgeleid: de Schriften leren uitleggen, pastoraal werk doen, onderwijs te geven. Maar juist in deze tijd betekent die opleiding óók: ze meenemen in de visie voor kerkplanting. God heeft Egypte lief. Het vuur van verlangen in ze ontsteken. Ze trainen om op pioniersplekken een begin te maken, praktisch en doordacht. Zo! Je mag dan wel een bedreigde kerk zijn, maar daarom ben je nog geen noodlijdende kerk!
 
Anne Emile Zaki geeft les in praktische theologie. Haar verhaal gaat over ‘spiritual formation’. Zeg maar: geloofsgroei. Je leven zo ordenen dat je kúnt groeien in geloof.
Wat mooi is: ze heeft de jonge aankomende predikanten van het seminarie in beeld. Je ziet het al voor je: zo’n predikant, net bevestigd, raakt bedolven onder het werk. Je bent niet te stuiten in je ijver. Daar is geen kerk mee gediend. Dat is niet wat God van je vraagt. Stop dan maar met dromen van een kerk voor het héle land. Je bent zelf de eerste hindernis geworden. Zo! Je persoonlijke geloofsgroei heeft opeens alles te maken met je plannen voor kerkplanting!
 
Ds. David Rodenburg

terug in Caïro



 

10 januari - Een meisje van twintig

Heba heet ze. Ze is twintig jaar oud. Haar ouders hebben een klein kruidenierszaakje naast de kerk in het plattelandsdorpje in Minya waar we verbleven. Zelf is ze doordeweeks in de provinciehoofdstad Minya. Daar staat de school die ze bezoekt. Ze spreekt steeds beter Engels, en ook in het Duits maakt ze steeds meer vorderingen, zegt ze zelf. Dat moet ook wel, want ze wil graag gids worden en daarom volgt ze de toeristische opleiding in Minya.
Heba dus. Je spreekt haar naam trouwens uit alsof er twee b's staan. Collega David Rodenburg en ik hadden een gesprek met haar. Het was voor haar in elk geval een goede oefening in 'Engels luisteren'. We hebben dat - u zult het begrijpen - als een compliment opgevat... Maar het mooiste was vooral, dat ze met ons wilde delen hoe ze in het leven staat. Ze wilde ons vertellen wat het geloof voor haar betekent.
 
Zoals veel Egyptische christenen heeft ook Heba een kruisje op de binnenkant van haar rechterpols getatoeëerd staan. Het is niet groot, ongeveer 1,5 bij 1,5 centimeter. Een koptisch kruis is het. Dat ziet er uit als een gewoon kruis met armen van gelijke lengte maar dan met aan alle armen een extra dwarsbalkje. Voor veel christenen in Egypte is het een herkenningsteken. Over geloof praat je pas met iemand als je ook bij de ander zo'n kruisje ziet, vertelt Heba.
Maar Heba maakte ons ook duidelijk: zo'n kruisje zegt hooguit dat je christen bent, bij de christelijke (meestal de koptische) kerk behoort, maar niet dat je Jezus ook kent! Het is haar verlangen om met Jezus te leven. Om een levende relatie met Hem te hebben. In de kerk is zij de 'voorzangeres'. Met de microfoon in de hand leidt zij de gemeente door de liederen die gezongen worden. Ze zingt, boven iedereen uit, van haar Redder.
 
Waarom vertel ik dit verhaal over Heba? In Nederland zijn toch ook veel jongeren die zó de Heere Jezus willen dienen? Gelukkig wel. Ik vertel dit verhaal vooral om deze jongeren te bemoedigen. Want dat Heba zo getuigt van haar geloof is maar één kant van het verhaal. De andere kant wordt samengevat in de woorden discriminatie, uitsluiting, tweederangs. Dát is de positie van christenen in Egypte. Heba zit in het derde jaar van de opleiding. Het had het vierde jaar kunnen zijn, als er geen docent geweest was die het nodig achtte haar te laten zakken. Niet omdat haar resultaten niet goed waren, maar omdat ze christen is. Het is maar één voorbeeld. Er zijn vast nog veel ernstiger te noemen. Maar juist een voorbeeld als dit laat zien dat er al heel snel sprake is van uitsluiting. En Heba? 'Ik wil Jezus blijven volgen.'
God zegene haar en alle andere jonge christenen in Egypte én Nederland.
 
Ds. Leendert Plug

zondag in Minya

 

 

9 januari - ‘Vrede voor de stad’

“Ik wil hier in liefde (samen)leven. Met God en met de ander.” Toen ik vanmorgen vroeg samen met de andere predikanten de ontdekkingsreis door Egypte per trein naar het zuiden voortzette, hoorde ik het de monnik van het St. Poul's klooster nog zeggen. En het is niet laatste keer dat ik dit verlangen om me heen hoor. Aangekomen in een stadje in de provincie Minya horen we jongere en oudere christenen van de plaatselijke presbyteriaanse gemeente hetzelfde zeggen.
 
Zomaar wat impressies:
 
Reizend van het ene naar andere adres zien we heel wat politie- en legerposten. Het geeft ons een wat beklemd gevoel. “Maar nu is het veilig”, zegt één van de jongere gemeenteleden. Hij legt uit dat twee jaar geleden de situatie zeer bedreigend was. Het politiebureau naast de kerk werd aangevallen en drie mensen werden omgebracht. Onder andere omdat ze de christelijke kerk bewaakten. De christenen vreesden voor hun leven. Verschillende van hen zijn voor een tijd weggevlucht. “Maar nu is het veilig.”
 
Wonderlijk mooi is om te zien hoe deze broeders en zusters omgaan met de herinneringen. En met de blijvende onvrede die een deel van de moslimgemeenschap heeft met christenen. Ik proef liefde die geeft en vergeeft. Het doet me denken aan Jeremia 29:7:  'Zoekt de vrede voor de stad.' En aan wat Stefan Paas aandraagt in zijn boek over vreemdeling- en priester zijn in een andere cultuur.
 
“Wijsheid is nodig”, zegt een oudere man, “als je onrechtvaardig behandeld wordt en de overheid niet ingrijpt.” Dan moet je terughoudend zijn, zo begrijp ik. Soms moet je onrecht lijden, want voor je het weet escaleert het omdat allerlei groepen zich ermee bemoeien. En dan raak je alles kwijt. Deze wijsheid zoekt en vindt hij in Christus.
 
Ook de jonge pastor, Gamil, zoekt de vrede. Hij wil aan iedereen uitleggen dat de God van hemel en aarde een God van liefde is. Die 'met ons' wil zijn en een persoonlijke omgang met ons wil hebben. Met de moslims zou hij graag samen willen zingen. De mooie eigenschappen van God bezingen die over en weer herkend worden. En zo vertrouwen winnen voor het verdere gesprek.
 
Je moet niet bij voorbaat hindernissen leggen. Zo vindt hij het getatoeëerde kruisje op de pols bij veel Egyptische christenen geen goede zaak. Waarom zou je bij een begroeting de afstand vergroten? Zo is hij er ook voor om de kinderen Egyptische  namen te geven. “Ik zoek contact, geen polarisatie.”
 
Zijn droom is om een huis te bouwen voor mensen die niets en niemand hebben. Het is onze roeping om hongerigen te voeden en naakten te kleden. Het is zijn verlangen dichtbij Christus te zijn en Christus dichtbij te brengen. Ofwel: in liefde (samen)leven.
 
Een begenadigd mens!
Ds. Wim van Vreeswijk

Foto's ds. Wim van Vreeswijk


 

8 januari - De makkelijke weg naar boven

De heilige Antonius is de grondlegger van het kloosterleven. In plaats van een leven in voorspoed koos hij er in de derde eeuw voor zich terug te trekken in de woestijn, biddend en mediterend in een grot in de bergen in Egypte. En dat vele jaren lang.
Vandaag hebben we geprobeerd in zijn voetsporen te treden door die grot en het klooster, dat door zijn volgelingen is gesticht, te bezoeken. Fysiek is dat anno 2016 niet half de uitdaging waar Antonius voor stond. De bus brengt je in een paar uur diep in de woestijn. Een moderne trap naar boven helpt je om zonder zwoegen het eindpunt te bereiken.
Maar op dat eindpunt, of beter gezegd daarbinnen, word je toch even stil. Zittend op de vloer in een pikdonkere grot boven in de bergen, dringt langzaam het besef door wat een enorme uitdaging hij is aangegaan. Tientallen jaren leven in stilte in eenzaamheid. Biddend en mediterend je dagen doorbrengen.  Het is niet iedereen gegeven. En in stilte vraag je je af of je eigenlijk zou willen dat dat wel zo was.
Zo laat Antonius, bedoeld of onbedoeld, je even in de spiegel kijken. De weg naar boven is vandaag de dag wel een hele makkelijke geworden. ‘Wat zou ik willen en durven opgeven?’ vraag ik me in stilte af. ‘Ben ik nog in staat om simpelweg eens stil te worden? In m’n hoofd, in m’n agenda? En kan ik de wil opbrengen om daarvoor geen geëffende paden te lopen, geen keurig aangelegde trappen, maar zelf al struikelend wellicht op weg te gaan?’ Ik weet het zo gauw niet. Maar het bezoek aan Antonius heeft me een paar vragen meegegeven waar ik niet omheen wil lopen. Ik besluit zijn eindpunt als een begin te nemen en te gaan. Terug naar beneden. Over een betonnen wandelpad. Dat dan weer wel…

Iwan Dekker


 

8 januari - Door de straten van Cairo

Twee namen komen in mijn gedachten als ik aan ons programma van gisteren terugdenk. De ene naam is van Dr. Abraham Kuyper. Aan het begin van de vorige eeuw maakte hij een rondreis ‘rondom de oude wereldzee’ (de Middellandse Zee)  om het fenomeen van de islam te onderzoeken. In dat kader deed hij ook Egypte aan. De tweede naam is van Floyd Mcclung, in het verleden directeur van Jeugd met een Opdracht in Amsterdam. Bij de start van zijn werkzaamheden liep hij al biddend door de vele straten van Amsterdam. En wat hij zag bracht hij in gebed bij God.
 
Nadat we enige tijd op het Tahrirplein hebben verkeerd gaan we naar het Egyptisch Museum. Daar kom je onder de indruk van de enorm lange geschiedenis van Egypte. Vervolgens gaan we varen op de Nijl. In de kerstpreek noemde de paus van de koptisch-orthodoxe kerk de Nijl al de ‘vader’ van Egypte. Aan weerszijde ervan wordt geleefd, de rest is woestijn. Maar, we zijn niet als ‘toerist’ in Egypte, het fenomeen van de ‘islam’ houdt ons bezig. We ‘gaan de straten door’. En zo betreden we de Al Azhar moskee, gebouwd in 970. Aan de moskee is een school en een universiteit verbonden. In het midden is een grote open ruimte, een soort plein. De moskee functioneert daardoor echt als een ontmoetingsplaats voor oud en jong. Als wij binnentreden zijn er moslims aan het bidden. Achteraan, aan tafels, zijn jongeren aan het studeren. Koran-lessen, maar ook andere vakken.
Met verschillenden van hen raken we in gesprek. Wat opvalt is hun houding. Ze geven aan intensief met de Koran bezig te zijn. Het is zelfs de bedoeling dat ze die uit het hoofd leren. Stap voor stap komen we verder. En op een gegeven moment valt het begrip ‘IS’. In alle toonaarden beweren de jongeren dat de islam niets met IS te maken heeft. Zij stellen dat de islam juist vreedzaam is en niets met welk geweld dan ook te maken heeft. We ronden een boeiend gesprek af en lopen de ene straat na de andere door.
 
Cairo, een stad met 23 miljoen inwoners, met 1000 moskeeën. Op de gebedsuren schalt de ‘geloofsbelijdenis’ door de straten. Rond half vijf ’s ochtends worden we er al door gewekt. Het komt binnen. Hier leef je dus als christen in een cultuur die echt ‘beheerst’ wordt door de islam.
Zeker, wij blijven niet als Kuyper maanden weg, en gaan ook niet naar alle landen rondom ‘de oude wereldzee’. En na 10 dagen zijn we zeker niet door alle straten van Cairo heengelopen. Daar is deze stad veel te groot voor (met een omvang van de provincie Utrecht). Het gesprek aangaan, open en eerlijk, zeker, het is belangrijk. Tegelijkertijd merk je, onze roeping gaat verder, maar je voelt ook je onmacht. We kunnen net als Kuyper het fenomeen onderzoeken, maar nog wezenlijker is het om, net als Floyd Mcclung, biddend door de straten te gaan. En zo al deze mensen op te dragen aan de levende God.
 
Ds. Cees van Duijn

Nijl, moskee en museum


 

7 januari - Kerk en staat

De derde dag van de predikantenreis naar Egypte begint op het Tahrirplein, het plein waar de afgelopen jaren de revoluties hun centrum vonden. Wanneer we om ons heen kijken, ziet alles er rustig en opgeruimd uit. Willem-Jan de Wit vertelt hoe de situatie er tijdens de revolutie uitzag. Langs welke wegen de demonstranten kwamen; hoe christenen moslims beschermden tijdens het gebed en andersom; wat de rol was van het leger. Nu Al-Sisi aan de macht is, is het in ieder geval aan de oppervlakte kalm. Onderhuids speelt er wel van alles, maar daar is op straat weinig van te merken en we voelen ons geen moment onveilig.
 
Christenen in Egypte hebben baat bij de huidige politieke situatie. Er worden geen kerken in brand gestoken. De politie is juist uitermate beschermend voor de kerken. We zagen het een dag eerder, op de vooravond van Kerst. Onderweg naar de Koptische kathedraal, waar we de kerstnachtviering meemaakten, zagen we voor een kleine kerk een stevige politiebewaking. Rondom de kathedraal was deze nog veel steviger. Veel zwaar materieel was ingezet en aan de ingang werd er bijna op vliegveldachtige wijze gecontroleerd.
 
Het niveau van de bewaking had ongetwijfeld te maken met het feit dat de dienst werd bezocht door Al-Sisi. Al eerder tijdens de reis hadden we in een kerkgebouw een plaquette gezien waarop trots vermeld stond dat de president er geweest was. Tijdens de dienst konden we ervaren hoe mateloos populair hij is onder de Koptische christenen. Er hingen grote schermen in de kerk en zodra hij zichtbaar was op het scherm ging er een golf van enthousiasme door de kerk. En ondertussen zong het priesterkoor voor in de kerk gewoon door.
 
In de dienst kreeg Al-Sisi ook het woord. Toen hij begon, was er helemaal geen houden meer aan. Herhaaldelijk werden zijn woorden onderbroken door enthousiaste uitroepen. Al-Sisi riep op tot eenheid: ‘Of we nu moslim zijn of christen is niet belangrijk, maar wel dat we Egyptenaren zijn!’ ‘De regering zal er voor zorgen dat alle verbrande kerken weer worden hersteld.’ ‘Zeg niet: we houden van u, al-Sisi!, maar: we houden van Egypte!’ Het gejuich bedaart nauwelijks. Al-Sisi lijkt voor veel kerkgangers een door God gezonden redder, ten minste te vergelijken met Kores.
 
Het zien van het Tahrirplein en het meemaken van de kerstviering op de avond daarvoor maakt grote indruk op mij en roept veel vragen bij mij op. Hoe kan deze kerk in een kwetsbare minderheidspositie vruchtbaar zijn voor Egypte? En wat is een gezonde verhouding tussen kerk en staat in de Egyptische context? Eenvoudige antwoorden zijn er niet te geven, dat is me wel duidelijk geworden.

Ds. Sjaak van den Berg
 

Kerstviering in de Koptisch-orthodoxe kathedraal


 

6 januari - Kerst in Caïro

Als groep predikanten zijn we vandaag met Willem-Jan de Wit, die woont en voor de GZB ook werkt in Caïro, in de islamitische en Koptische gedeelten van de stad geweest. Een uitzonderlijke stad doordat er enorm veel te zien is. Dat betreft niet alleen de historie, zowel Koptisch als islamitisch, ook het hedendaagse leven is bijzonder en geeft stof tot nadenken.
 
Neem bijvoorbeeld één van de wijken waar we doorkwamen. Ik doel op de wijk Manshiyit Nasser. De afvalophalerswijk. Een wijk waar christenen wonen die het huisvuil uit heel de stad ophalen en in de wijk lozen en op straat sorteren. Het varken is de reden waarom moslims hier niet in de meerderheid zijn, terwijl zij veruit de meerderheid zijn in Caïro. Het varken, dat een alleseter is, is voor een moslim een onrein dier. Tegelijk is het blijkbaar handig dat wat eetbaar is tussen het afval opgegeten wordt, voordat het afval gesorteerd wordt. In de wijk hebben wij trouwens geen varkens gezien behalve aan het spit.
 
Het geheel laat een samenleving zien die niet voor te stellen is. Kleine pick-up trucks vol met karton of plastic en mensen die dit sorteren. Wij zullen het betitelen als armzalig. Toch geven de mensen die indruk niet. Het zijn geen bedelaars maar hard werkende mensen. Ze zien er ook niet onverzorgd uit. Ze doen enkel hun werk.
Het zijn dus voornamelijk christenen die dit doen. Christenen met een eigen kerk die achter de wijk te vinden is.

Bezoek aan de rotskerk


Deur Samaan (rotskerk). Een unieke kerk met een bijzonder verhaal omdat de traditie leert dat de berg, waar tegen de kerk is geplaatst, verplaatst is op grond van het geloof van Simon de schoenmaker. Dit naar aanleiding van een uitdaging op grond van Mattheüs 17:20. De patriarch werd uitgedaagd om dit Bijbelvers te bewijzen. Een engel wees hem op Simon. Een man met één oog en een letterlijk geloof. Door zijn geloof is de berg drie kilometer verplaatst, waarbij zelfs de zon onder de berg door te zien is.
 
Voorop staat dat het een mooi verhaal is. Maar het is meer dan dit. Het geeft tegelijk de kracht aan van de Koptische kerk binnen de Egyptische context. De kerk weet zich staande te houden. Ook al bestaat de kerk uit mensen die een minderheid zijn en die in een deplorabele situatie leven.
 
Dat de Koptische kerk vooralsnog staande blijft, blijkt ook uit de vele hoogwaardigheidsbekleders die 's avonds aanwezig zijn bij het Koptisch kerstfeest. Als genodigden mochten we dit ervaren tijdens de kerstnachtdienst die van 22.00 uur tot 24.00 uur plaatsvond. Hier is het Kerst en daarom wens ik u vanuit Caïro een gezegend kerstfeest met de wens dat ook u staande mag blijven in het geloof. Ook wanneer de meerderheid heel anders in het leven staat.
 
Ds. Jan Holtslag
-----

 

Dinsdag 5 januari - We zijn geland…

Letterlijk, en inmiddels aangekomen in ons verblijf voor de komende dagen. Maar ook figuurlijk deden we een eerste poging door ons na het inchecken te begeven in het ‘nachtleven’ van Caïro. Bijzonder is dat toch, dat ruim na middernacht een economie nog volop in bedrijf kan zijn en dat je alle dagelijkse behoeften op talloze plaatsen nog kunt verkrijgen. Een eerste indruk van vele die nog zullen komen in deze stad van vele miljoenen inwoners. Een stad die je na zo’n eerste indruk een beetje van de wijs kan brengen. Hoe slagen 20 miljoen mensen er in om op zo’n relatief kleine oppervlakte samen te leven?
Dat gaat natuurlijk niet altijd goed. De berichten die soms in Nederland het nieuws halen getuigen daarvan. Ook in Cairo, ook in Egypte is het samenleven tussen mensen en religies soms een hachelijke zaak. En toch, wellicht tegen de stroom in, maar wie weet wel aansluitend bij een breed gevoeld verlangen, zoeken ook hier christenen en moslims hoe ze elkaar tot hand en voet kunnen zijn. Hoe ze vorm kunnen geven aan de opdracht die per definitie met het mens-zijn is gegeven: om als mensen in vrede naast elkaar te kunnen bestaan en het goede voor elkaar te zoeken.
Ik ben benieuwd naar dit land, naar de mensen die er wonen. Naar hun verlangens, hun geloven. En naar hun pogingen om met elkaar Egyptenaar te zijn. Ik ben benieuwd hoe de kerken in Egypte hun plek innemen als minderheid in een land waarin de islam nadrukkelijk aanwezig is. En ik ben benieuwd hoe deze context en de kerk hier, me vragen meegeven om in m’n eigen Nederlandse situatie verder over door te denken.
We zijn geland. Om dat te onderstrepen sluiten we de dag af in een Egyptische sapbar. De favoriet van onze man ter plekke! De sap is super, de ontmoeting met de eigenaren warm en hartelijk. Mooie afsluiting van een eerste dag. Het smaakt nu al naar meer.

Iwan Dekker

afsluiting van de dag in een Egyptische sapbar

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

  • R.G.Dekker

    6 januari 2016, 07:27

    Een goede reis en goede ontmoetingen toegewenst. Groeten van Ronald en Heleen Dekker uit Nunspeet. En doe ook de groeten aan David Rodenburg
  • Mattie Mostert - Delft

    8 januari 2016, 11:26

    Boeiend om jullie verslagen te lezen; overweldigend is het woord wat bij me opkomt bij de herinnering aan deze stad. Zoveel mensen, zieleń. ... Bemoedig en groet de koptische broeders en zusters! Gaan jullie ook nog op zoek naar de (restanten ) van de Joodse gemeenschap? Goede dagen daar nog gewenst!
  • Pa & Ma Dekker

    10 januari 2016, 11:27

    Fantastisch, om zo op afstand toch min of meer een gedeelte van jullie reis te mogen meemaken, hoewel we geluiden en geuren moeten missen. Lezend hoe de kleine kerk hier kan standhouden, is opnieuw een bewijs van Gods grote liefde en trouw; Zijn zegen toegewenst voor jullie verdere verblijf en later de thuisreis. Dat jullie ervaringen voor jullie zelf en in jullie werk tot zegen en opbouw mogen zijn. Hartelijke groet vanuit Emmeloord, Henk & Hanny Dekker