Lees meer » Jaarthema
2016-2017

Je schoonfamilie

ill860
Rieneke en Gert van de Pol | Plaatsingsdatum: 10 april 2017 | Malawi

Tumbuka's...

In Kawaza bevinden we ons in het hart van het Tumbuka taalgebied en de bijbehorende cultuur. In het noordelijk deel van Malawi wonen vanouds ook twee andere belangrijke ethnische groepen, met hun eigen taal en cultuur: de Tonga en de Ngonde. Onderling zijn er veel overeenkomsten, maar ook aanzienlijke verschillen. De mensen in Karonga (190 km noordelijker, aan de rand van het meer, Tongagebied) zijn bijvoorbeeld veel directer in hun communicatie dan hier. Net als elders is het in Malawi niet één pot nat.
Bij de familie Mkandawire leren we veel over de Tumbuka-cultuur. We leren het woord voor schoonvader (‘tatavyara’), schoonzoon (‘mukweni’) en schoondochter (‘mukamwana’). Want over de omgangsvormen met je schoonfamilie in de Tumbuka-cultuur is veel te vertellen.

Tatavyara

Naast de woning van de familie Mkandawire woont de vader van de heer des huizes: dhr. Mkandawire sr. Alle maaltijden gebruikt hij in zijn eigen huis, maar ze worden telkens netjes bij hem gebracht – ba Smeda kookt ook voor hem.
Zij spreekt echter nooit met haar schoonvader. Dat is Tumbuka-cultuur: een schoondochter doet dat beslist niet, tenzij schoonvader ‘haar mond heeft geopend’. Dat kan hij doen door haar op een gegeven moment een klein, symbolisch bedrag te geven (bijvoorbeeld MWK 20 of MWK 100, resp. zo’n 3 of 15 cent) en daarbij te verklaren ‘nakurongozga’ (vrij vertaald: “ik heb je mond geopend”). Heeft hij dat eenmaal gedaan, dan is zijn schoondochter vanaf dat moment vrij om tegen haar schoonvader te spreken – weliswaar met een grote mate van bescheidenheid en respect, maar toch. Dhr. Mkandawire sr. heeft die stap echter nooit gezet, dus ba Smeda wordt geacht niet met haar schoonvader te spreken, ook al woont hij pal naast haar en bereidt zij al zijn maaltijden.
Als ba Smeda naar het huisje van haar schoonvader loopt om hem zijn eten te brengen, kijkt ze voorzichtig of hij in de woonkamer zit. Is hij er niet, dan loopt ze door, zet het eten op tafel en verdwijnt weer. Is dhr. Mkandawire sr. echter in de woonkamer, dan maakt ba Smeda met het eten in haar handen rechtsomkeeert: ze draagt dan bijvoorbeeld een van de kinderen op om het eten bij opa te brengen, of ze vraagt haar man het naar zijn vader te brengen. Zijn op dat moment noch haar kinderen, noch haar man thuis, dan is er dus een probleem. In zulke gevallen gaat ze toch wel eens de woonkamer van haar schoonvader binnen om hem het eten te brengen, maar ze komt zo bescheiden mogelijk binnen, kijkt hem in geen geval aan, zegt niets tegen hem en ze knielt als ze het eten op tafel zet. Daarna maakt ze zich zo snel en nederig mogelijk uit de voeten.

Mukweni

Een soortgelijke omgangsvorm is er ook voor de schoonzoon, de ‘mukweni’. Tenzij zijn ‘mond is geopend’ mag hij noch tegen zijn schoonvader, noch tegen zijn schoonmoeder spreken. Volgens de traditie van Tumbuka’s mag je – zonder dat ‘je mond geopend is’ – evenmin spreken met bijvoorbeeld broers en zussen van je vrouw die ouder zijn dan jij. Uit respect.
In de alledaagse omgangsvormen van de Tumbuka’s wordt het onderscheid tussen eigen kinderen enerzijds en schoonzoons en schoondochters anderzijds dus nadrukkelijk en voortdurend vorm gegeven. Dat geldt ook voor het leeftijdsaspect: alle omgangsvormen zijn doordrenkt van respect voor iedereen die ouder is dan jij. “Oudere mensen maken geen fouten”, is volgens ba Mkandawire een belangrijk adagium in de Tumbuka-cultuur. Je mag nooit zeggen dat een ouder persoon dan jij een fout heeft gemaakt, verkeerd zit. In zo’n geval zeg je hooguit dat hij iets ‘vergeten is’. Blijkbaar vindt men dat hier minder confronterend…
Een schoonzoon moet altijd groot respect tonen voor zijn schoonouders. Als ze op bezoek komen, dan ga je als schoonzoon meteen van de stoel af en ga je op de grond zitten, met je ogen terneergeslagen. Dat is je houding gedurende de hele tijd dat ze er zijn. Zit je schoonvader buiten op een bankje, dan kun je hem alleen passeren in een houding van respect: voorover gebogen, handen gevouwen en ogen neergeslagen.
Voor een ‘mukamwana’ (schoondochter) gaat het nog een stapje verder: als je thuis bent en je hoort dat je schoonvader er aan komt, dan verdwijn je zo spoedig mogelijk, bijvoorbeeld naar de slaapkamer. Wij kunnen ons dat maar moeilijk voorstellen, maar het voelt voor hen echt als een teken van diep respect.

Het Evangelie

Het Evangelie verandert sommige van de vaste omgangsvormen in de Tumbuka-cultuur, vertelt ba Mkandawire ons. Hij noemt als voorbeeld zijn zwager: een oudere broer van zijn vrouw, die vestry clerk is (scriba van een van de prayerhouses die onderdeel zijn van de gemeente). Ze zitten daardoor samen in de kerkenraad van de Lunyina congregation. Volgens de tradionele Tumbuka-cultuur zou ba Mkandawire niet als gelijken met deze zwager kunnen praten. Zelfs als deze ‘zijn mond geopend’ zou hebben, zou ba Mkandawire zeer bescheiden moeten zijn: hem openlijk tegenspreken of van mening met hem verschillen is er dan niet bij. Zowel zijn positie als schoonzoon c.q. zwager als zijn jongere leeftijd creëren afstand.
Maar in de kerk is er onder invloed van het Evangelle een andere werkelijkheid en beleving. Dat werkt vervolgens langzaam maar zeker door in de alledaagse omgangsvormen: ze spreken met elkaar als elkaars gelijken, vrijuit en zonder belemmering. Het evangelie schenkt ‘vrijmoedigheid’ – niet alleen om het Evangelie te delen, maar ook om met elkaar te spreken als broeders en zusters. In Christus word je van zwager een broeder. Het duurt soms even voordat die werkelijkheid echt doorbreekt en oude omgangsvormen verkleuren, maar de Heilige Geest lijkt in dat opzicht wellicht meer op een Afrikaan dan op een Westerling: hij heeft de tijd en geduld.

Vanaf maandag 6 maart verblijven we voor een week of vijf, zes in een klein dorp in Noord-Malawi: Kawaza, zo'n vier kilometer ten noorden van Bolero. We vinden onderdak in het gezin van ba Kondwani Mkandawire en ba Smeda Chiwone.
De bedoeling van deze periode vatten we het best samen met de volgende kernwoorden:
  • Taal - Chitumbuka leren.
  • Ontmoeting - Malawianen ontmoeten op de plek waar ze wonen en leven.
  • Cultuur - Thuisraken in de cultuur en levenswijze van mensen hier.
  • Kerk - De alledaagse praktijk van het kerkzijn in zo'n dorp ervaren.
Voor ons is dit een belangrijke periode. Rieneke zal in haar werk vaak op 'outreach' gaan, de dorpen rond Ekwendeni intrekken. Vaak zal ze dus in situaties terecht komen, die we nu van binnenuit meemaken. Gert gaat de kerk helpen om het bijbelstudieprogramma verder te versterken en uit te bouwen. Dat kan onmogelijk zonder gezien, gehoord en gevoeld  te hebben hoe de meeste mensen hier leven.
In onze blogs delen we iets van onze ervaringen.

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

  • H. Schreuder

    10 april 2017, 06:01

    Wat een bijzonder verhaal, nog nooit zoiets gehoord.