Lees meer » Jaarthema
2016-2017

Magie en dolende geesten in het ziekenhuis

ill860
Rieneke en Gert van de Pol | Plaatsingsdatum: 28 juli 2017 | Malawi

Een gedreven dominee

Aan het Ekwendeni Mission Hospital is een predikant verbonden – de chaplain. De huidige chaplain werkt er nog maar kort; hij arriveerde net als wij in januari. Hij is fors van postuur en heeft een krachtige stem. Je merkt al gauw hoe belangrijk hij een levend geloof in Jezus Christus vindt. Met grote gedrevenheid deelt hij het Evangelie met iedereen die op zijn pad komt. Hij werkt hard, is creatief en doortastend, neemt initiatieven om het christelijk karakter van het ziekenhuis te versterken en kan wat veel Malawiërs niet gegeven is: goed organiseren. We zijn dus blij dat hij op deze post is gezet.

Een belangrijk thema

De chaplain houdt regelmatig workshops voor iedereen die in en rond het ziekenhuis werkt. Toen hij kort geleden aankondigde een workshop te gaan houden over het thema ‘witchcraft and spiritual wickedness’ twijfelden we geen moment of we daar naar toe zouden gaan. Het helpen ontwikkelen van Bijbelstudies die relevant zijn voor de context van Malawi zit in mijn (Gerts) takenpaket als Bijbelstudiecoördinator en een thema als ‘witchcraft’ (hekserij, tovenarij, magie) leeft hier onder de mensen. In menige nieuwsuitzending komt het voorbij. Eind vorig jaar bijvoorbeeld, in een bericht over de moord op de 65-jarige Robertson Mkondowe in de omgeving van Nkhata Bay (zo’n 70 kilometer hier vandaan). De dader werd opgepakt en bekende dat hij Robertson had vermoord omdat die met magie en tovenarij de dood van zijn broer zou hebben bewerkstelligd. En toen in oktober vorig jaar de bekende politicus Chakuamba na een ernstige ziekte overleed, legde in de krant een van zijn familieleden de schuld daarvan bij iemand die kort daarvoor op bezoek was geweest: die zou Chakuamba hebben vergiftigd of met behulp van witchcraft de dood in hebben gejaagd. Je hoeft in Malawi nooit lang te zoeken naar verhalen over ‘witchcraft’. Als er iets ergs of onverklaarbaars gebeurt, is het in Malawi helemaal niet gek om meteen aan witchcraft te denken. Geen wonder dus, dat we reuze benieuwd waren wat de chaplain ons over dit thema zou gaan vertellen.

Zó Nederlands!

Het was een leerzame en boeiende middag. Zo hoorden we dat de Malawische wet officieel verbiedt om iemand ervan te beschuldigen dat hij of zij een ‘heks’ of ‘tovenaar’ is of te beweren dat iemand ‘witchcraft’ gebruikt. Wie een ander ervan beschuldigt een heks te zijn kan een boete krijgen van MWK 20.000 (ongeveer € 25) of een gevangenisstraf van maximaal twee jaar.
Deze wet stamt uit 1911 en dus uit het koloniale tijdperk: hij is opgesteld door de Engelsen. Mij lijkt zo’n wet in Afrika geen overbodige luxe (denk aan het bericht over Robertson Mkondowe, zie hierboven) en heel gezond, maar de chaplain denkt daar anders over: hij vindt dat daarmee het bestaan van ‘witchcraft’ ontkend wordt, terwijl er toch echt witchcraft bestaat. Hij heeft er haast elke dag mee te maken, zegt hij.
Hij legt uit dat magie met verschillende bedoelingen gebruikt kan worden: om bepaalde dingen te bereiken en om bepaalde vaardigheden te verwerven; om anderen bang te maken en in angst te laten leven; om mensen te kwellen of zelfs te doden. Jaloezie en wraakzucht spelen vaak een rol.
Dan start hij een filmpje om te laten zien hoe ‘witchcraft’ wordt gebruikt om bepaalde vaardigheden te verwerven. Ik merk dat ik me in Malawi nog nooit zó Nederlands heb gevoeld als tijdens de momenten dat we naar dit filmpje kijken. Ik heb moeite om niet in de lach te schieten. Te meer daar ik alle Malawiërs om me heen met ernstige gezichten zie kijken naar dit staaltje van ‘witchcraft’. Terwijl ik alleen maar iemand zie die behendig is met een fiets, vast veel geoefend heeft en met zijn kunstjes wellicht wat geld probeert te verdienen. Ik doe het hem niet na, maar het zou in nog geen honderd jaar bij me opkomen om hier witchcraft achter te zoeken.
Daarna krijgen we nog een filmpje te zien over het gebruik van witchcraft om je doel te bereiken. Dit keer moet je dat doel heel letterlijk nemen en denken aan het doel op het voetbalveld. Vlak voordat het doelpunt valt heeft een speler bij het doel van de tegenstander iets ‘uitgespookt’. Het leidde tot veel ophef op het veld, maar het lijkt te werken: een minuut of vijf later weet deze speler te scoren. De chaplain haalt ook dit naar voren als een voorbeeld dat witchcraft wordt ingezet om een bepaald doel te bereiken. Ik krijg niet de indruk dat mensen om ons heen daar ook maar een moment vraagtekens bij zetten, maar zelf zie ik opnieuw geen witchcraft: ik zie alleen maar toeval. Wat die speler zelf (of de chaplain) ook gelooft – ik zie geen verband tussen de ‘magische handeling’ en het doelpunt dat een minuut of vijf later valt. Of het moet zijn dat de desbetreffende speler door die handeling wat meer zelfvertrouwen heeft gekregen…
Als de chaplain vertelt hoe vaak witchcraft in het ziekenhuis voorkomt, noemt hij allerlei voorbeelden waarvan we in Nederland zouden zeggen: misschien is er wel wat aan de hand, maar wát? Gevalletje psychiatrie? Bij sommige situaties die hij deelt heb ik de neiging ze vooralsnog te labelen als ‘psychosomatische uitingen van angst’. Wat ook niet helpt: we hebben er al vaak versteld van gestaan dat mensen in onze omgeving zo kritiekloos geloof hechten aan bizarre verhalen die ze horen.
Wat ik al wist voel ik tijdens deze workshop heel diep: ik heb geen Afrikaanse ziel, ik ben een geseculariseerde westerling. Op een moment als dit is dat helemaal niet zo gemakkelijk. De twee filmpjes maken het best lastig om wat nog komen gaat serieus te nemen. En dat is verwarrend, vooral omdat ik enorme waardering en diep respect heb (en houd) voor deze chaplain. Hij doet in het ziekenhuis goed werk en is vol van het Evangelie. En ik wil blijven luisteren naar wat hij te zeggen heeft. Want wat je er verder ook van denkt - hij kent die voor mij vreemde wereld (vol geloof in en angst voor ‘witchcraft’) van binnenuit. Ik moet en wil dus blijven luisteren om de mensen hier beter te begrijpen. Ik moet proberen hun wereld te verstaan – anders weet ik zeker dat niets van wat ik ooit (in bijbelstudies of op andere momenten) over ‘witchcraft’ inbreng serieus genomen zal worden. Hoe komt het Evangelie deze wereld binnen?

Dolende geesten

De chaplain sprak ook over ‘wandering spirits’ (dolende geesten). Met een verwijzing naar Johannes 14: 2-3 legt hij uit, dat gelovigen die sterven meteen een rustplaats vinden bij God. Maar de geesten van wie sterven zonder Christus – de weg, de waarheid en het leven – verdwalen en vinden geen rust. Ze dolen rond en zijn onophoudelijk op zoek naar hun lichaam, om daar weer hun intrek te kunnen nemen en rust te vinden. Dus dolen ze vaak rond op plaatsen die op de een of andere manier verbonden waren met hun levenseinde: de plek van het dodelijke ongeval, het ziekenhuisbed, de ziekenkamer, het mortuarium of de begraafplaats. Het ziekenhuis, waar regelmatig mensen sterven, is dus een plek waar relatief veel geesten van doden ronddolen.

Gebed

Temidden van deze wereld is gebed ons belangrijkste wapen – zowel tegen ‘witchcraft’ als tegen dolende geesten. De chaplain verwijst daarbij onder andere naar Efeze 6, het bekende gedeelte over de geestelijke wapenrusting. Hij roept ons dan ook op tot gebed – in het bijzonder op de plaatsen waar mensen sterven. Een ziekenkamer waarin een patiënt overlijdt kan eigenlijk pas worden ‘vrijgegeven’ voor de opname van nieuwe patiënten als er op die plek eerst uitgebreid en intens is gebeden. Zo wapen je je tegen de schadelijke invloed van dolende geesten. Verder roept hij iedereen die in het ziekenhuis werkt op om het bij hem te melden als er bij patiënten of hun naaste familieleden vreemde dingen gebeuren: wees altijd alert op ‘witchcraft’! “Everyone must be a strong prayer person”; wie avond- en nachtdienst heeft, moet niet vergeten om voor de nacht met en voor patiënten te bidden.

Angst en vrijheid

Het is duidelijk: de chaplain neemt witchcraft serieus en ziet gebed als het belangrijkste wapen tegen zowel witchcraft als dolende geesten. Hij is een man van geloof en zijn aansporing om te volharden in gebed kunnen we van harte beamen. Toch kriebelt er wel het een en ander. Ik kan de vragen die bij me boven komen niet onderdrukken. Neemt hij ‘witchcraft’ niet een beetje te serieus? Is hij met zijn verhaal in feite niet bezig om mensen in hun (in mijn ogen: soms bizarre) angst voor witchcraft en dolende geesten te bevestigen – om vervolgens die angst te bezweren met een oproep tot gebed? Ook als je onderkent dat in de wereld en in ons leven duistere machten en krachten aan het werk zijn en gelooft in de kracht van gebed – zou wat meer kritisch onderscheidingsvermogen hier geen wonderen kunnen doen? Je hoeft toch niet bij alles wat onverklaarbaar is (lijkt) aan ‘witchcraft’ te denken?
Maar ik voel natuurlijk wel, dat dat nogal rationele vragen zijn, die verraden dat ik niet in Afrika ben geboren en getogen. Ik ben gepokt en gemazeld in de westerse manier van denken – van oorzaak en gevolg, van kritisch analyseren en doorvragen. Ik kan niet anders en ik denk dat ik het ook niet anders wil. En tegelijk wil ik hier leven en werken. Tegelijk wil ik dichtbij deze mensen komen, om samen de Bijbel te lezen, de bevrijdende kracht ervan op het spoor komen. In een taal die deze mensen begrijpen. Zodat we samen voelen: God zoekt ons op waar we zijn, in onze wereld. Hij stapt onze wereld binnen. Maar zet die vervolgens ook weer helemaal op z’n kop om ons werkelijk vrij te maken.
Ondertussen realiseer ik me maar al te goed, dat we allemaal diepe angsten kennen. Voor de dood en voor de eenzaamheid bijvoorbeld, voor het lijden, voor het onvoorspelbare en om verworpen te worden. We gaan die in de westerse samenleving heel anders te lijf. We proberen de werkelijkheid bijvoorbeeld te beheersen met wetenschap, techniek en geld. Maar zitten we daarmee vaak niet net zo goed op een dwaalspoor?
De woorden die ons ècht helpen en vrij maken – of we nu in Malawi of in Nederland thuis zijn – komen uit een heel andere hoek: bij God vandaan, die het ons in de Bijbel keer op keer toeroept: “Wees niet bang!” Het mooiste zijn daarom de momenten waarop de Bijbel open gaat. Zoals dat ook aan het einde van de workshop weer gebeurde. De chaplain eindigde met woorden uit Romeinen 8. “Als God vóór ons is, wie zal dan tegen ons zijn?” en “In dit alles zijn we meer dan overwinnaars door Hem die ons heeft lief gehad.” Met die woorden kunnen we het doen. Hoe we ook tegen de werkelijkheid aankijken, hoe we die ook ervaren en duiden – aan de voet van het kruis vinden we elkaar. Verbonden in die ene naam, de Naam van Hem die ons redt – ons op ons dwaaltochten opzoekt en ons thuis brengt bij God.

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

  • Heleen Bergsma

    30 juli 2017, 10:41

    Bijzondere ervaringen!
    Ik denk wel dat wij er naïef instaan.
    Satan leeft onder ons....
    Lees net in de Waarheidsvriend over het boekje: Geestelijke strijd in de kracht van Jezus. Van dr. G.C. Vreugdenhil. Hij werkte voor de GZB in Peru.