Op zoek naar mijn naaste - incarnational ministry deel 2

ill860
Gerard en Janneke de Wit | Plaatsingsdatum: 8 oktober 2018 | Duitsland

In onze vorige blog schreven we over een uitspraak van een collega-zendeling hier in Duitsland. Voor wie even diep moet graven in zijn/haar geheugen: het principe van ‘incarnational ministry’ gaat uit van het voorbeeld dat Jezus zelf gaf. Hij legde zijn heerlijkheid af, werd mens en bracht het goede nieuws van Zijn koninkrijk daar waar de mensen zich bevonden. En wij? Wij zijn geroepen om als Zijn volgeling van Hem te leren. Zijn woorden te horen én ze te doen. We zijn niet bedoeld om ‘gered’ op onze lauweren te rusten, maar om te groeien in geloof, hoop en liefde en anderen in dit groei/leerproces mee te nemen.   

Waar vinden we onze naasten die we het goede nieuws mogen brengen en/of waarmee we samen mogen zoeken naar de betekenis van dit goede nieuws? Ik denk in eerste instantie in onze natuurlijke relaties. Op ons werk, in onze buurt, op het schoolplein etc. Jezus’ opdracht is: deel je leven met hen. Bouw relaties. Wees oprecht in hen geïnteresseerd. Durf kwetsbaar en open te zijn. Stel vragen en nodig zelf ook uit tot vragen stellen. Deze opdracht aan de eerste discipelen is anno 2018 niet gereduceerd tot ‘betaalde zendelingen’. Het is een opdracht voor ons allemaal, ongeacht of we onszelf daarvoor geschikt achten of niet. Discipel zijn leer je onderweg.

Misschien vind je deze opdracht al groot zat. Mijn collega-zendeling ging echter nog een stap verder in het beantwoorden van de vraag waar wij onze naasten vinden. Hij vroeg zich hardop af: 
“Kan het zijn dat veel christenen hun verlangens in de verkeerde volgorde hebben staan? Waarom zijn christenen zoveel bezig met het stappen maken op de welvaartsladder? Betere baan, grotere auto, mooier huis. Is de focus dan niet veel te veel “ik-zoek-comfort-gericht”? Met rijkdom en welvaart is op zichzelf niets mis, maar wordt er wel eens gevraagd als iemand verhuisplannen heeft: “Heer, op welke plek kan ik vrucht dragen?,  in plaats van: Heer, waar kan ik met mijn budget het meest genieten?” Wie kijkt naar de stadsplattegrond en zoekt uit waar de meeste armoede en onrecht heerst en gaat daar tussen wonen? Of focussen ook wij als christenen vooral op die grotere tuin en hoge schutting voor de privacy en rust? Is de volgorde van onze fundamentele verlangens nog in orde of is het ‘genieten’ voor ons een groter doel (geworden) dan het ‘dienstbaar en vruchtbaar zijn’?”

Een spannende uitspraak van deze collega en misschien wel (veel) te kort door de bocht. Ik zou er van alles tegenin kunnen brengen. Je mag toch ook genieten? God zegent in de bijbel toch ook mensen met rijkdom? We hoeven toch niet allemaal in een achterstandswijk te gaan wonen? 
Toch legt deze uitspraak ergens de vinger op een zere plek. Het vraagt naar de motivatie van ons hart bij het maken van keuzes. Het doet ons persoonlijk de vraag stellen: wat zijn mijn diepste verlangens? Als ik eerlijk ben, dan vind ik het idee dat ‘vrucht dragen’ mij iets mag kosten helemaal niet aantrekkelijk. Zoals Jezus in Johannes 15 zegt dat de rank gesnoeid moet worden om meer vrucht te kunnen dragen. En snoeien doet pijn. Dat voelt niet lekker. Is niet comfortabel. Vraagt om loslaten en vertrouwen. Maar het is wel nodig, omdat er een breder perspectief is. Gods perspectief: een grote oogst.

Onze collega gaf het voorbeeld van het kiezen van een volgende woning. Wie van ons zou bij de zoekcritera op Funda.nl het vakje aankruisen waarbij staat ‘wijk met de minste christenen’, of ‘straat met de meeste kinderverwaarlozing’, om daar de omgeving te infecteren met liefde en hoop? Kan het zijn dat deze collega een gevoelige snaar raakt als wij uitgedaagd worden om op deze manier te kijken naar hoe wij keuzes maken? 

Het zette ons aan het denken. U/jou ook? Reageer gerust op bovenstaande stelling.

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.