Lees meer » Jaarthema
2016-2017

Preken, lezen en 120 ijzeren golfplaten

ill860
Rieneke en Gert van de Pol | Plaatsingsdatum: 25 maart 2017 | Malawi

Vanaf maandag 6 maart verblijven we voor een week of vijf, zes in een klein dorp in Noord-Malawi: Kawaza, zo'n vier kilometer ten noorden van Bolero. We vinden onderdak in het gezin van ba Kondwani Mkandawire en ba Smeda Chiwone.
De bedoeling van deze periode vatten we het best samen met de volgende kernwoorden:
  • Taal - Chitumbuka leren.
  • Ontmoeting - Malawianen ontmoeten op de plek waar ze wonen en leven.
  • Cultuur - Thuisraken in de cultuur en levenswijze van mensen hier.
  • Kerk - De alledaagse praktijk van het kerkzijn in zo'n dorp ervaren.
Voor ons is dit een belangrijke periode. Rieneke zal in haar werk vaak op 'outreach' gaan, de dorpen rond Ekwendeni intrekken. Vaak zal ze dus in situaties terecht komen, die we nu van binnenuit meemaken. Gert gaat de kerk helpen om het bijbelstudieprogramma verder te versterken en uit te bouwen. Dat kan onmogelijk zonder gezien, gehoord en gevoeld  te hebben hoe de meeste mensen hier leven.
In onze blogs delen we iets van onze ervaringen.

Preken

Natuurlijk moest ik meteen op de eerste zondag na onze aankomst in Kawaza de preek houden. Dat kon in het Engels: ds. Gloria Mlowoka, de plaatselijke dominee, zou de vertaling verzorgen.
In de dagen ervoor verspreidden kerkenraadsleden overal in het dorp mondeling het bericht, dat het echtpaar uit Nederland was gearriveerd, dat zij zondag in de kerk zouden zijn en dat hij de preek zou houden.
De dienst waarin ik zou preken zou om 9.00 uur beginnen. Om 10.30 uur zou dan een tweede dienst gehouden worden, de zogenaamde ‘contemporary service’. Dat leek me voor Malawianen wel een strak schema: er zingen altijd wel een paar koren in de dienst, gasten (en dus ook wij) worden uitgebreid welkom geheten, de mededelingen nemen doorgaans veel tijd in beslag (alle activiteiten en vergaderingen voor de komende maand worden opgesomd) en dan is er ook nog eens een preek die vertaald moet worden en dus tweemaal zoveel tijd in beslag neemt. Dat mag dan wel een kort preekje worden! Maar daar was ba Kondwani het niet mee eens. “Take your time”, zei hij. Tijd is geen issue hier. Wat geeft het als de tweede dienst een uur later begint?
Ik zou dus alleen de preek houden: voor het overige zou de dienst dan geleid worden door de plaatselijke dominee of een kerkenraadslid. Dat is in Malawi gebruikelijk: iemand houdt de preek, maar een ander neemt de verdere leiding van de dienst voor zijn rekening. Lang niet altijd is het een dominee die de preek houdt – meestal is het een ouderling of een ander gemeentelid.

Lezen

Gaandeweg wordt me duidelijk dat ik niet alleen geacht wordt de preek voor mijn rekening te nemen, maar ook de Schriftlezing – dat hoort er nu eenmaal bij. Volgens ba Kondwani kan ik die best in het Chitumbuka doen. Dat lijkt me niet echt een goed idee: ik heb bepaald niet de indruk dat mijn uitspraak van het Chitumbuka al zo goed is, dat mensen zouden kunnen verstaan en begrijpen wat ik lees. Maar daar denkt ba Kondwani anders over. Hij verzekert me dat ze alles zullen kunnen verstaan en dat de mensen het geweldig zullen vinden als ik de Schriftlezing in het Chitumbuka doe. Hij dringt zo aan, dat ik onmogelijk kan weigeren. Bovendien troost ik me met de gedachte dat de kerkgangers in Malawi op dit punt nu niet bepaald verwend zijn: Malawianen zijn doorgaans – zacht uitgedrukt – niet sterk in het hardop voorlezen van een Bijbelgedeelte, zo hebben we gemerkt in de kerkdiensten die we de afgelopen twee maanden bijwoonden. Of ze het nu in het Engels of in het Chitumbuka doen, het klinkt vaak belabberd. Je hebt vaak de indruk dat degene die voorleest geen idee heeft wat hij leest en waar het over gaat: hij leest losse woorden, die hij maar moeilijk kan ontcijferen. Als de lector op een punt stuit lijkt hij er soms zelf door verrast te zijn: alsof hij niet had kunnen denken dat de zin hier zou eindigen.

Toch anders

Het is al lang negen uur geweest als er genoeg kerkenraadsleden aanwezig zijn om in de consistorie de voorbereiding op de dienst te beginnen. Dat betekent niet dat er haast gemaakt wordt. Eerst moet natuurlijk de gebruikelijke voorstellingsronde gemaakt worden. Daarvoor neemt men de tijd en dat gaat er officiëel aan toe. Onze gastheer, die deputy session clerk (tweede scriba) is, stelt allen een voor een aan ons voor. De desbetreffende persoon gaat staan, zijn of haar naam en functie worden genoemd, waarna hij of zij ons kort groet. Terwijl we met deze ronde bezig zijn, komen er nog diverse kerkenraadsleden binnen druppelen en begint men in de kerk spontaan alvast wat liederen te zingen. Als de kennismaking achter de rug is wordt de dienst met de bijbehorende taakverdeling doorgenomen. Dan wordt ook besloten om de tweede dienst – de ‘contemporary service’ – te laten vervallen. Een van de kerkenraadsleden, een vooraanstaande vrouw in de kerk en in het dorp, is jarig en ook daarvoor moet in de dienst tijd ingeruimd worden. Bovendien is het al erg laat, dus al met al lijkt het beter om de tweede dienst te schrappen. Dat geeft dan ook mooi de ruimte om aansluitend aan die ene ochtenddienst verkiezingen te houden voor de nieuw op te richten evangelisatiecommissie: vanwege de Nederlandse gasten zijn er veel mensen in de kerk en dat moment moet je dan maar aangrijpen om de verkiezingen vandaag te houden.

De nederige God

De preek die ik houd gaat over de voetwassing (Johannes 13), vooral over de woorden van Jezus tegen Petrus die niet wil dat de Heer zijn voeten wast: “Als Ik u niet was, hebt u geen deel met Mij” (vers 8). We moeten net als Petrus steeds weer de U-bocht maken: het hart van religie, kerk en christelijk geloof is niet dat wij God dienen, maar dat God ons dient. In Jezus zien we hoe nederig God is in een wereld waar hoogmoed overal opduikt en mensen in haar greep heeft. Als Jezus zijn kleren aflegt om als een slaaf te dienen toont Hij zijn liefde die tot het uiterste gaat: straks hangt Hij naakt aan het kruis. Alle dienst aan God die van waarde is ontspringt hier: dat we ons door de gekruisigde en verworpen Jezus en daarin door God laten helpen, dienen, redden. In die weg leren we ook zelf echte nederigheid: de bereidheid om elkaar de voeten wassen.

120 ijzeren golfplaten

Vanzelfsprekend worden we in deze kerkdienst voorgesteld en welkom geheten. Onze gastheer doet dat – zoals altijd – heel uitvoerig. Hij vertelt niet alleen wie we zijn en wat we deze weken in Kawaza komen doen, maar hij schetst ook omstandig het traject dat aan onze komst vooraf is gegaan. De scriba van de synode (de general secretary) is enige tijd geleden hoogstpersoonlijk naar Kawaza afgereisd om zich ervan te vergewissen dat de familie Mkandawire de gasten uit Nederland een geschikt onderkomen zou kunnen bieden en de kerkenraad goed is voorbereid op onze komst en de bedoeling daarvan. Natuurlijk heeft hij toen ook met de kerkenraad gesproken, waarbij naast ons a.s. verblijf in Kawaza het reilen en zeilen van de kerkelijke gemeente Lunyina aan de orde kwam.
In hun komst, zo vertelt ba Kondwani aan de gemeente, worden we buitengewoon gezegend. “We beschouwen het als een enorme eer dat onze gemeente en ons dorp is uitgekozen om hen een week of vijf, zes te ontvangen. Dat is echt heel bijzonder. Zij brengen bovendien een andere zegen mee. De general secretary heeft onze gemeente als dank voor onze bereidheid deze gasten te herbergen een groot geschenk gegeven: voor het dak van ons kerkgebouw krijgen we van de synode maar liefst 120 ijzeren golfplaten.” Natuurlijk volgt er dan een groot applaus en reageert iedereen blij.
Wij zijn hier welkom, maar 120 ijzeren golfplaten voor de bouw van de kerk zijn dat ook…

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

  • H. Schreuder

    25 maart 2017, 12:13

    Prachtig verhaal, hoop dat alles tot een zegen mag zijn.