Uw uitgaan en uw ingaan...

ill860
Kees en Esther van der Knijff | Plaatsingsdatum: 24 februari 2021 | Libanon

Op 17 januari werden we bevestigd en uitgezonden. Op 21 januari zouden we vliegen. Inmiddels is het ruim een maand later en zitten we nog steeds ‘in de wacht’. Kort voor vertrek ging Libanon in een extreme lockdown: alles dicht, niemand de straat op zonder expliciete toestemming van de overheid, geen overheidssteun. Extreme omstandigheden voor de Libanezen die het al zwaar genoeg hadden. Voor ons betekende het vooral: geen visum-papieren en geen mogelijkheden om daar met de kinderen ons plekje te vinden. Wachten was de enige optie.
 
Dan bekruipt je soms zomaar de vraag: Waarom? Hadden we dan echt niet wat voorspoediger, wat eenvoudiger kunnen starten?
 
Gelukkig hebben we het in de tussentijd goed. Een fijn tijdelijk huis, sneeuw- en schaatspret, familie in de buurt, Hannah kon zelfs nog even naar school.


 
En toch: die vraag. Want het is niet hoe we het ons voorgesteld hadden.
 
In die omstandigheden las ik de afgelopen dagen psalm 121. Een bekende psalm, een bemoedigende psalm, maar zeker ook een confronterende psalm.
Confronterend, allereerst, door die onderzoekende vraag: Waar komt mijn hulp vandaan? Ben ik niet toch, ondanks alles, geneigd om op heel veel menselijke vastigheden te vertrouwen? Op een goede planning, goede verzekeringen? Kijk ik niet teveel naar de robuuste bergen, waarop allerlei menselijke afgoden aanbeden worden?
Confronterend, ook, door de rest van de psalm. Want is het niet allemaal iets te rooskleurig? Worden we echt bewaard voor alle kwaad? Met psalm 121 kun je een prachtig welvaartsevangelie preken. Maar hoe zit het dan met al die mensen die het heel moeilijk hebben? En hoe zit het met onze eigen tegenvallers? Om nog maar niet te spreken over onze broeders en zusters in Libanon…
 
Toch heb ik de psalm vooral gelezen als bemoediging. Steeds weer klinken de woorden: YHWH is uw Bewaarder. Alsof de dichter het zeggen wil: al het andere mag je vergeten, maar dit niet. De Heere is je bewaarder. Veel uitleggers denken dat de verzen 3-8 een oude zegen zijn, die door de priester meegegeven werd aan de pelgrims die op reis gingen. Wat heb je nodig op die reis? Ten diepste alleen dit: YHWH is je bewaarder.
 
Mijn ogen bleven steken bij die bekende woorden: Hij zal uw uitgaan en uw ingaan bewaren. Daar lijkt het nu juist even te stokken. Binnenkomen in Libanon werd onmogelijk, dus was vertrekken uit Nederland onverstandig. Wat nu uitgaan en ingaan? Voor de dichter was het vooral een manier om uit te drukken dat God altijd de bewaarder is, Zijn bescherming is omvattend. Of je nu de poort uitgaat naar het land, of na een dag werken terug de stadspoort binnentrekt, Hij is je bewaarder. Daar mogen we het voor nu mee doen. Of we nu ingaan of uitgaan, nog moeten wachten of ons mogen ‘spoeden’.
 
Wat ben ik dankbaar voor zulke psalmen die confronteren én bemoedigen. Me tegen de haren instrijken én me een duwtje in de rug geven. Alleen zo doen ze recht aan de weerbarstigheid van het leven. En alleen zo geven ze hoop middenin de weerbarstigheid van het leven. Of we nu uitgaan of ingaan, afwachten of vertrekken.

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.