Zonde; een woord dat irriteert

ill860
Matthijs en Rosa Geluk | Plaatsingsdatum: 13 mei 2020 | Peru

Mijn Peruaanse collega-predikant, op wie ik overigens zeer gesteld ben, schept er zichtbaar behagen in om mij mijn zonden in te wrijven.
 
„Jouw zonde is dat jij als Nederlander plannen maakt. Je stelt jezelf een doel en denkt dat binnen een bepaalde tijd te gaan halen. Maar je weet nooit wat ertussen komt. Zeker niet in Peru. Jouw zonde is dat jij uitgaat van gelijkheid tussen mensen, maar zo werkt de Peruaanse cultuur niet. Mensen kijken tegen jou op omdat je theoloog bent. Daar moet je mee leren omgaan.”
 
Ik ben mijn collega dankbaar voor de confrontaties, want hij heeft me al vaak geholpen om de Peruaanse cultuur beter te begrijpen. Maar wat blijft hangen, is dat woord ”zonde”. Dat irriteert me. Het klinkt zo... Hoe moet ik het zeggen? Zwaar.
Het is niet het eerste woord dat ik zou gebruiken bij een verkeerde inschatting van een bepaalde situatie. Wordt het woord zonde niet te lichtvaardig gebruikt en verliest het daarmee niet aan waarde?
 
Rebellie
In het Nederlands kan het grofweg op twee manieren gebruikt worden: in de zin van ”jammer” –dat gebroken koffiekopje– of in een veel ernstiger zin, als overtreding of rebellie tegen God. Intuïtief denk ik meestal aan die laatste betekenis. Maar die wordt in kerkelijk Nederland vooral gebruikt in al even ernstige situaties, zoals moord of diefstal,om nog maar niet te spreken over de zonde tegen het zevende gebod. We passen het woord veel minder toe op alledaagse situaties: bij vergissingen of het hebben van vooroordelen. De vraag is dan: verliest het woord zonde niet veel meer aan waarde wanneer het tot het hele erge wordt beperkt?
 
Ik moet toegeven dat het me tijd heeft gekost om te wennen aan het gebruik van het woord zonde in Peru. Het is confronterend. Er wordt pijnlijk de vinger gelegd bij mijn tekortkomingen.
Door onvolkomenheden zonde te noemen, worden die impliciet in verband met God gebracht. Zonde is doel missen, leerden wij vroeger op catechisatie. En inderdaad, als ik mijn werk doe met culturele oogkleppen op, mis ik mijn doel als zendeling. Als ik Nederlandse denkkaders toepas op de Peruaanse werkelijkheid, doe ik mensen onrecht. En ja, dat heeft ook met God te maken, omdat Hij mij –en ieder ander– een roeping heeft meegegeven, een doel om te bereiken.

Gedacht vanuit dat doel, waarmee God ons een plaats in deze wereld heeft gegeven, wordt het woord zonde ineens heel bruikbaar voor mij. Het helpt me om mijn eigen werkelijkheid onder ogen te zien, vergeving te vragen voor mijn fouten en weer opnieuw te beginnen. Het woord helpt op een gezonde manier te reflecteren op ons dagelijks leven, voor het aangezicht van God.
 
Heilzaam
Ik moedig de lezers daarom aan om dat oude woord zonde weer eens af te stoffen. Beperk het niet tot absurditeiten, maar gebruik het om jezelf de spiegel voor te houden. Een dagelijks proces van reflectie –erkenning van fouten, het vragen van vergeving en het opnieuw beginnen op grond van Gods genade– kan alleen maar heilzaam zijn.

Deze column verscheen op 12 mei 2020 in het Reformatorisch Dagblad.

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.