Care4Malawi

weblog Rieneke & Gert van de Pol

Gooi maar ergens neer...

ill860

We waren met z’n tweeën op weg naar een training. Ik zat achter het stuur van m’n auto. Naast me zat een Malawische predikant. Hij deed het raam open en gooide zonder blikken of blozen een leeg waterflesje uit het raam. Ik was te verbouwereerd om er wat van te zeggen.

Gewoon, maar toch

Natuurlijk weet ik dat zoiets hier in Malawi heel gewoon is. Maar van deze vriendelijke, wijze dominee had ik toch wat anders verwacht. “Dat overkomt me niet weer”, dacht ik even later: “De volgende keer zeg ik er wat van. Desnoods stop ik onmiddellijk en vraag hem terug te lopen om het flesje weer op te rapen.” Toen we er thuis samen over doorpraatten, kwamen we op het idee om een sticker op het dashboard van de auto te gaan plakken: een grappig plaatje dat duidelijk maakt dat het niet de bedoeling is om afval uit het raam te gooien…

Afval in Malawi

In de eerste weken dat we in Malawi waren, kwam de vraag al gauw bij ons boven: wat doen we met ons afval? Toen we aan iemand vroegen wat hij met z’n afval deed, zei hij: “We verbranden het gewoon.” We snappen dat je dat met bepaald afval kunt doen. Maar wat doe je bijvoorbeeld met je oude, niet oplaadbare batterijen? “Well, we just throw them away”, antwoordde hij. We smijten ze gewoon ergens neer. De latrine vond hij een prima plek: het gat in de grond waar ook je urine en poep in verdwijnt.
In Ekwendeni heb ik alleen bij het ziekenhuis afvalbakken gezien. Wie om zich heen kijkt, ziet hier overal plastic op de grond liggen. Als je op de markt tomaten koopt, wil men die altijd meteen in zo’n dun plastic zakje stoppen. De meeste mensen gooien zulke zakjes gemakkelijk overal neer.

Het wil nog niet lukken

De overheid heeft al jaren geleden ingezien, dat plastic zakjes een groot probleem vormen voor het milieu. In 2011 stuurde de regering mensen voor een training naar Rwanda. Als het om milieubeleid gaat, loopt dit land in Afrika voorop. Wie in de hoofdstad Kigali loopt, ziet het meteen: wat is de stad voor Afrikaanse begrippen schóón! Plastic zakjes zijn in Rwanda dan ook al jaren verboden. Als je als toerist het land binnen wilt, doe je er goed aan die thuis te laten.
Ook Kenya heeft vorig jaar zo’n verbod ingevoerd en heeft op dit gebied nu de strengste wetten ter wereld. De straf die je volgens de Kenyaanse wet kunt krijgen bij overtreding van het verbod op het produceren of verstrekken van plastic zakjes kan oplopen tot vier jaar gevangenis of bijna € 35.000 boete. Sinds kort probeert men het verbod serieus te handhaven.
Mede door de blik in de Rwandese keuken was de Malawische overheid ervan overtuigd geraakt dat het ook hier hoog tijd was voor maatregelen. In 2015 werd een wet aangenomen die de productie en het gebruik van dunne plastic zakken verbiedt. Tot op de dag van vandaag is de wet echter nog niet van kracht. De samenwerkende producenten van plastic tekenden bij de rechter namelijk met succes bezwaar aan tegen het verbod: in 2016 schortte de hoge raad de wet op. De overheid zegt alles in het werk te stellen om die opschorting ongedaan te maken, maar tot nu toe zonder succes.
Ondertussen begint er in de samenleving gelukkig ook iets op gang te komen. Sommige bedrijven lieten kort geleden hun stem horen met een pleidooi om het verbod eindelijk in werking te laten treden. En juist deze maand werden er tenminste twee protestmarsen georganiseerd, waar mensen eisten dat plastic zakjes nu eindelijk in de ban gedaan worden.

Onze aanpak thuis

Ondertussen proberen we zelf het gebruik van plastic zakjes tot een minimum te beperken. Als je naar de markt je eigen tas mee neemt, heb je die zakjes ook helemaal niet nodig: dan doen ze de tomaten of bananen netjes voor je in je eigen tas. Terwijl we dit schrijven (zie eens hoe nuttig schrijven is!),  bedenken we dat we hetzelfde met erwten en bruine bonen kunnen gaan doen: gewoon een bakje meenemen waar ze in kunnen.
Omdat men hier geen systeem heeft voor de verwerking en recycling van afval, zijn we er nóg meer dan in Nederland op gespitst om ons afval te beperken. Gelukkig kunnen we doppen, dozen en pakken afvoeren naar een speciaal 'afvalverwerkingsbedrijf' in Mzuzu: huize Kasbergen. Gerrie maakt van dat soort dingen speelgoed - echt fantastisch en reuze creatief. En ze stimuleert zo Malawiërs om datzelfde te doen.
Ook Rieneke weet trouwens veel van ons afval wel een nieuwe bestemming te geven. Een oude spijkerbroek? Dat wordt een handig opbergsysteem. Een eiertreesje? Dat wordt ons nieuwe prikbord. Een blik waarin koffie verpakt was, maar dat nu leeg is? Daar kan in het vervolg havermout, bonen of cornflakes in. Blokker zou er failliet aan kunnen gaan: we kopen er geen voorraaddozen meer.
Verder sparen we sommige soorten afval op om naar Nederland mee te nemen of te geven, zoals batterijen, oude lampen en oud metaal. We hebben niet de illusie dat dit een enorme netto-winst oplevert voor het milieu, maar we weten nu eenmaal niet goed wat we er anders mee aan moeten. Dit soort dingen in de latrine dumpen, zoals ons geadviseerd werd – tja, dat kunnen we nu eenmaal niet over ons hart verkrijgen.

En wéér zei ik niets…

Vorige week was het wéér raak. Terwijl we terug reden van een training, opende mijn passagier het raam en gooide een leeg flesje naar buiten. Toch stopte ik niet. En ik zei er ook niet meteen wat van.
In een flits zag ik namelijk dat hier iets anders gebeurde dan je op het eerste gezicht zou denken. Ik zag dat mijn medereiziger het moment waarop hij het flesje het raam uit gooide heel bewust uitkoos. Er liepen kinderen langs de weg – arme kinderen. Toen hij het flesje uit het raam gooide, vochten ze er bijna om. Heel herkenbaar: kinderen zijn dol op flesjes. Soms vragen ze het op straat ook aan ons: “Give me a bottle”  – geef me een flesje! Voor hen is een flesje iets van waarde. Zien ze er aan de kant van de weg een liggen? Dan pakken ze het meteen op en nemen het mee naar huis. Daar gaat het geheid weer gebruikt worden, bijvoorbeeld om olie in te doen. Gooi je een plastic flesje uit het raam van je auto, dan is dat binnen de kortste keren dus opgeruimd.
Nu ik dit weet, kijk ik toch een tikkeltje anders naar mensen die hier een leeg flesje uit het raam gooien. Je doet dan in elk geval wat anders dan wanneer je hetzelfde in Nederland zou doen: hier maak je er beslist iemand blij mee.
Dat neemt natuurlijk niet weg dat er hier nog een wereld te winnen is als het gaat om milieubewustzijn.

Dat is al een veel beter idee

Onderweg stoppen we op verzoek van m’n reisgenoot bij een winkeltje, waar hij beltegoed wil kopen. Je koopt dan een voucher, waarop een code staat die je in moet tikken. Als je dat gedaan hebt is je beltegoed opgewaardeerd en kan dat papiertje weg. Geen wonder dat je zulke - inmiddels waardeloze – vouchers overal in Malawi op de grond aantreft. Vrijwel iedereen smijt ze na gebruik gewoon van zich af. Zo ook mijn passagier, even later in de auto: het raam ging weer open en hupsa…
Ik stopte niet, maar zei lachend tegen hem: “Je bent een echte Malawiër!” Hij had geen idee wat ik daarmee bedoelde, maar wilde dat wel graag weten. Nadat ik hem had uitgelegd dat Malawiërs afval gewoon van zich afsmijten, moest hij lachen. “You’re right”, zei hij – je hebt gelijk. “Maar waar moet je het anders laten? Sommige mensen nemen het mee naar huis om het te verbranden, maar dat vind ik dan weer overdreven, verzuchtte hij. “Toch lijkt me dat een veel beter idee”, antwoordde ik. En zo hadden we dankzij dit papiertje van Airtel een goed gesprek over een belangrijk onderwerp: over ons afval en wat we daarmee doen. Over het verbod op plastic zakjes dat maar niet van de grond komt. Over de schepping die het waard is om te koesteren. En dat maar weinig mensen in Malawi beseffen dat het Evangelie van Jezus Christus ook op dit levensterrein ingrijpt.
“De volgende keer zal ik zo’n papiertje niet meer uit het raam gooien”, zei mijn passagier tenslotte. Da’s mooi natuurlijk – maar zal hij woord houden…?

Reageer op dit artikel

Geen Facebook? Reageer dan hier.

Uitgezonden door

Wij zijn uitgezonden door de GZB, een zendingsorganisatie binnen de Protestantse Kerk in Nederland. De roeping van de GZB is om wereldwijd mensen te bereiken met het Evangelie, zodat zij God leren kennen en groeien in geloof. Meer info vind je op de website van de GZB.

Blijf op de hoogte

Ik meld mij aan voor:

Wij gaan zorgvuldig om met uw gegevens. Lees hier meer over de privacy policy van de GZB.